Nieuws
AO MVO
- Allereerst zou ik willen opmerken dat ik graag in dit AO had gesproken over het SER-advies en de kabinetsreactie hierop. We hebben deze reactie echter jammerlijk genoeg nog niet ontvangen. Ook de herziene richtlijn 400 van de Raad voor de Jaarverslaggeving zou een belangrijk onderwerp op de agenda zijn geweest, maar ontbreekt tot nog toe.
- Het is niet de eerste keer dat we met de staatssecretaris van gedachten wisselen over maatschappelijk verantwoord ondernemen. Gedurende die overleggen hebben we steeds benadrukt dat MVO in essentie een vrijwillig karakter heeft, maar dat het niet vrijblijvend is. Daarnaast gaat het in om bovenwettelijke trajecten: we vinden eigenlijk wel dat bedrijven dergelijke zaken zouden moeten doen, maar we kunnen ze er niet toe dwingen op basis van wetgeving. Die lijn houden we nog steeds vast.
- Dat was ook de reden dat we positief waren over het SER-advies globalisering en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Het bedrijfsleven zou elkaar aanspreken op het MVO en dan vooral de verantwoordelijkheid in de keten. We hebben in maart 2009 ook positief gereageerd over dit advies en tegelijkertijd aangegeven uit te zien naar de eerste rapportage. Ondanks de vele aanmoedigingen van anderen in de Kamer om nu over te gaan op wetgeving, hebben we die in het vertrouwen dat we hebben in de SER en het bedrijfsleven gesteld, dat de sector dit veel beter zelf op zou kunnen pikken.
- Die lijn heb ik nog steeds, maar ik ben wel teleurgesteld in de SER-rapportage. Het rapport is eigenlijk een samenvatting van het eerdere SER-advies. En dat kende ik al. Ik had graag gezien, eigenlijk ook verwacht, dat de SER zou aangeven welke acties waren ondernomen om een paar stappen vooruit te zetten. Hoe werden instrumenten ontwikkeld om bedrijven te ondersteunen bij hun zoektocht naar meer informatie in de keten? Het klinkt namelijk gemakkelijk, maar dat valt nog wel eens tegen. Hoe worden sectorinitiatieven ondersteund door de SER? Hoe worden de PBO’s actief gestimuleerd om er in hun sectoren meer werk van te maken? Ik kan dat lijstje nog wel langer maken, maar u zult begrijpen dat we niet enthousiast zijn over dit rapport. En als we de volgende keer geen substantiële verbetering zien in de activiteiten, begint mijn vertrouwen in de mogelijkheden die de SER heeft op dit terrein, af te nemen.
- Het rapport over de wet openbaarheid productie en ketens van het EIM laat zien dat het tot een geweldige administratieve lastendruk leidt. Dat vermoedden we al en blijkt dus ook ondersteund te worden door dit rapport. Belangrijker is dat het rapport ook enkele vraagtekens zet bij de juridische haalbaarheid. Ze werpen de vragen op, maar werken deze niet uit. We zouden graag zien dat de staatssecretaris opdracht geeft om deze vragen op zo kort mogelijke termijn beantwoord te krijgen.
- Maar het zou te makkelijk zijn als we alleen de SER zouden aanspreken op hun acties. Ook de staatssecretaris zou mijns inziens meer kunnen doen. Daar heeft hij geen wetgeving voor nodig. In de afgelopen dagen is de rapportage over eerlijke chocola naar buiten gekomen. Er zijn grote bedrijven, zoals Verkade die het heel goed doen, maar er zijn ook veel bedrijven die hier niets mee doen. Bij de verkoop van chocola spelen supermarkten een belangrijke rol. Ook hierin zien we dat sommige supermarkten het goed doen en anderen er niets mee doen. Zo scoort marktleider AH zeer matig in het aanbieden van eerlijke chocola. Wanneer gaat de staatssecretaris met al die bedrijven om de tafel zitten om met hen een indringend gesprek over de constateringen van het onderzoek te voeren?
- Volgens ons is de dialoog het beste instrument om meters te maken. Om verbetering te scoren. De positie van de staatssecretaris is daarin cruciaal. U kunt de bedrijven uitnodigen, een gesprek met ze voeren en ons rapporteren over de uitkomsten daarvan. Uw voorgangster deed dat ook en toen hebben we vooruitgang geboekt. Momenteel lijkt de houding fomalistischer te zijn en dat zet onvoldoende zoden aan de dijk.
- Dan weer een oud stokpaardje van de CDA-fractie: het gedrag van de pensioenfondsen. Hoe staat het daarmee? Ze hebben een geweldige invloed op de beleggingsportefeuilles en op de beurs: hoe ver zijn zij met het maatschappelijk verantwoord beleggen?
- Verder zou ik graag over de groene agenda’s van banken willen hebben. Uit de brief die we van de RBS hebben ontvangen wordt benadrukt dat de huisbankier van de ministeries wel degelijk een bank is die duurzaamheid hoog in het vaandel heeft staan. Dit vinden wij een goede zaak.
Schrikbarend vindt mijn fractie daarentegen het bericht in Vrij Nederland dat onze staatsbank, ABN Amro, zich van een groene bank naar een bruine bank ontwikkelt. Zo werd ABN Amro vóór de overname door het consortium beschreven als een kenniscentrum voor duurzaamheid op de financiële markt (nr. <metricconverter productid="2 in" w:st="on">2 in</metricconverter> de Dow Jones Sustainability Index). Na de overname door het consortium in 2006 is de afdeling ‘Sustainable Development’ gesneuveld. Sinds de overname door de staat is er geen enkel initiatief geweest ter bevordering van de duurzaamheid. Is de staatssecretaris het met de CDA-fractie eens dat dit het uitgelezen moment is om de bank te verduurzamen? En is de staatssecretaris bereid om zich ervoor in te zetten dat duurzaamheid een speerpunt wordt van onze staatsbank?
- De kabinetsvisie op non-trade concerns komt in dit AO wel aan de orde, al zien wij hierin veel overlap met andere thema’s. Zo zal dit zowel een belangrijk onderwerp zijn voor het EU-overleg als voor de WTO onderhandelingen.
- Het kabinet zet in op verschillende sporen waar het om NTC’s gaat, namelijk multilaterale, Europese en unilaterale inzet. Hierbij acht het kabinet het van belang dat een combinatie van handelsbeperkende en handelsbevorderende maatregelen worden overwogen. Het CDA wil hierop aansluitend benadrukken dat het agenderen van NTC’s niet betekent dat wij markten willen afschermen voor productie van andere landen. Maatregelen die genomen moeten worden t.b.v. NTC’s dienen in gelijke mate te gelden voor binnenlandse en buitenlandse producenten en dienen noodzakelijk en proportioneel zijn. Hierbij moet uiteraard rekening worden gehouden met de bijzondere positie van ontwikkelingslanden en met name die van de Minst Ontwikkelde Landen (MOL’s). Een (verkapte) vorm van protectionisme is dan ook in deze geenszins aan de orde.
- De Coalitie Eerlijke Handel geeft in haar reactie op de kabinetsvisie aan dat zij graag zou willen dat er concrete invulling wordt gegeven aan het voornemen van het kabinet om sociale clausules op te nemen in handelsakkoorden. Zij benadrukt dat afspraken over monitoring en sanctiemogelijkheden noodzakelijk zijn voor handhaving. Wat is de reactie van de Staatssecretaris hierop?
- PM: Raad voor de jaarverslaglegging. Brief is er nog niet.
- Het is niet de eerste keer dat we met de staatssecretaris van gedachten wisselen over maatschappelijk verantwoord ondernemen. Gedurende die overleggen hebben we steeds benadrukt dat MVO in essentie een vrijwillig karakter heeft, maar dat het niet vrijblijvend is. Daarnaast gaat het in om bovenwettelijke trajecten: we vinden eigenlijk wel dat bedrijven dergelijke zaken zouden moeten doen, maar we kunnen ze er niet toe dwingen op basis van wetgeving. Die lijn houden we nog steeds vast.
