Nieuws

19 december 2006 20:49 Leeftijd: 4 jaar

Nieuwsbrief 69

 

Beste mensen,

Er zijn nu drie weken voorbij sinds de Tweede Kamerverkiezingen. De eerste kruitdampen zijn opgetrokken over het aangerichte slagveld. Er zijn zes partijen die zetels hebben verloren, er zijn er vier die hebben gewonnen en eentje is gelijk gebleven. Tot de verliezers behoren de PvdA, (negen zetels), LPF (acht),VVD (zes), D66 (drie), CDA (drie) en Groen Links (één). De winnaars worden aangevoerd door de SP (16 zetels), Groep Wilders (acht), Christen Unie (drie) en de Partij voor de Dieren (twee).

Laten we eens kijken of er enkele algemene conclusies getrokken kunnen worden. In de eerste plaats is duidelijk geworden dat de revolte van Fortuyn uit 2002 nog niet tot een eind is gekomen. Op een of andere manier is een deel van de kiezers nog steeds op drift en de vraag is of die ooit wel weer tot rust zal komen. Een groep van tussen de 20 en 30 zetels zal van links naar rechts schieten en weer terug. Die maken of een partij wint of verliest. In 2002 hadden ze het vertrouwen in linkse oplossingen verloren en stemden daarom massaal op rechts. Het gevolg was een nieuwe partij in de Kamer met 26 zetels. Nog geen half jaar daarna keerde hetzelfde kiezersvolk zich al af van deze partij en ging een groot deel van de steun weer naar de PvdA en de VVD. Maar vier jaar later hebben ze ingezien dat ook hier de oplossing van hun problemen niet lag en keerden zen zich massaal tot de uitersten van het politieke bestel: de SP en de Partij voor de Vrijheid.

Beide partijen verenigen een gemeenschappelijke boodschap: opsluiting van Nederland in een provinciale politiek. Beiden hebben een afkeer van bemoeienis met het buitenland. De een uit dat in zijn afkeer van de Islam, de ander in zijn afkeer van de EU en de NAVO. De een wil Turkije er absoluut niet bij hebben, de ander wil de defensie afschaffen. Een internationale verantwoordelijkheid voor hun kap nemen komt niet in hun verkiezingsprogramma en hoofdlijnen van beleid voor. Maar nog meer stemt de duidelijkheid en radicaliteit tussen beide partijen overeen. Elke nuance uit het beleid is gesloopt. Blijkbaar bevalt de kiezer een dergelijk geluid.

Sommigen zullen dan zeggen dat ik een andere belangrijke partij vergeet in mijn analyse, namelijk de Christen Unie. Eerlijk gezegd vind ik hun opkomst niet zo opmerkelijk. In de eerste plaats zijn ze nu weer terug bij het niveau dat ze voor 2002 hadden. Toen hadden ze gezamenlijk vijf en soms zes, een enkele keer zelfs zeven zetels in de Kamer. In 2002 en 2003 deden ze het slecht. Vooral in 2003 slaagde het CDA er in om de Christen Unie onder het motto van een tweestrijd tussen Bos en Balkenende leeg te zuigen. Dat was nu aanzienlijk minder, vooral vanwege het grote verschil tussen de beide partijen in de opiniepeilingen.

De komst van de Partij van de Dieren in de Kamer is opmerkelijk. Een actiegroep die nu vertegenwoordigd is in de Kamer. Dat is in de Nederlandse parlementaire geschiedenis nog niet eerder vertoond.

Bij de verliezers zijn de verschillen groot. Zowel de PvdA als de VVD hebben beiden een kwart van hun aanhang verloren. Dat is een fors verlies. Een belangrijk deel van hun aanhang is weggetrokken naar een radicalere partij, de een naar de SP, de andere naar de Partij voor de Vrijheid. Hoe moet deze ontwikkeling worden geduid? Aan de ene kant ondersteunt het de stelling dat de kiezers behoefte hebben aan duidelijkheid. De nuances zijn ze zat, krachtdadige stellingnames gaan als jenever in een ouderling. Om die kiezers weer terug te krijgen zullen beide partijen een radicalisering doormaken. Op die manier hopen ze de steun van de verloren kiezers weer terug te krijgen. Aan de andere kant is duidelijk dat de partijen een belangrijk deel van hun kernelectoraat hebben verloren. Automatische steun hebben ze niet meer. Een plaats bij de eerste veertig was een zeker verkiesbare plaats bij de PvdA. Dat is dus niet meer zo. Plaats 25 bij de VVD was ook zeker. Die mensen zijn er op een harde manier achter gekomen dat dit niet het geval meer is.

Ook het CDA heeft verloren, zij het veel minder dan de andere partijen. Is dat reden tot vreugde? Ja en neen. Ja, want we hebben het veel beter gedaan dan de andere partijen en ook veel beter dan verwacht in maart van dit jaar. Wat dat betreft is een huzarenstukje geleverd. Maar er is verlies geleden. Want hoe we het ook wenden of keren: we hebben drie zetels verloren. En waar hebben we die verloren? Vooral in het zuiden en oosten van het land. Traditionele steungebieden voor het CDA, waar we in sommige streken meer dan een kwart van onze aanhang hebben verloren. Zoals in Limburg, waar de stemmen naar de SP en de Partij voor de Vrijheid is gegaan. Het is goed om na te gaan hoe dit komt en wat we moeten doen om deze steun weer te herwinnen. Want onze campagne was er juist op gericht om daar onze steun te verwerven en te behouden. Daar zijn we onvoldoende in geslaagd.

Opvallend is dat in veel gemeenten waar de mensen gelukkig zijn, anders gezegd, perspectief hebben, veel steun was voor het CDA. Waar dat perspectief ontbrak was de steun voor de SP en de Partij voor de Vrijheid groot. Is het CDA dan alleen nog maar een partij voor de welgeslaagden? In het beleid van de partij is dat niet het geval – kijk naar het verkiezingsprogramma – ,maar op een of andere manier ziet een deel van de kiezers het anders. Ze kunnen het genuanceerde verhaal van het CDA, maar ook van de PvdA en de VVD  niet meer volgen. Ze hebben het gevoel dat hun problemen niet worden verstaan door de politieke partijen, dat ze onvoldoende op de politieke agenda terecht komen. Het gaat dan over het algemeen om mensen met een lage opleiding. En het CDA is er nog het beste in geslaagd om deze mensen wel aan zich te binden, maar we kunnen die steun zo kwijt raken. Kijk maar naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2006.

De conclusie kan zijn dat de traditionele volkspartijen hun predikaat van volkspartij niet of met zeer grote moeite waar kunnen maken. Het is de uitdaging voor de komende jaren voor die partijen om dat karakter weer terug te krijgen. En dat vergt een stevige investering in de partijorganisatie en partijkaders.

En D66 en Groen Links dan? Tja, beiden varen een sociaal-liberale koers. En deze koers wordt niet meer geslikt door de kiezer. Want de crisis binnen Groen Links krijgt weinig aandacht, maar een halvering van het aantal zetels binnen acht jaar is niet iets om trots op te zijn. en ook deze partij krijgt nu last van een radicalere variant. Op sociaal terrein was dat altijd al zo met de aanwezigheid van de SP. Op het milieuterrein moeten ze nu vechten om de steun met de Partij voor de Dieren. En op het terrein van de vrijheden verliezen ze het altijd van D66 en de VVD. Kortom: deze partij zal in de komende maanden goed na moeten denken over haar koers. Haar toegevoegde waarde is momenteel marginaal. 

De Europese agenda
In Europa wordt momenteel nog maar over een ding gesproken. Gaan we door met de gesprekken met Turkije over haar toetreding tot de EU of stoppen we daar nu mee? In december 2004 zijn heldere afspraken gemaakt: enkele wetten moeten worden aangepast en Cyprus moet impliciet worden erkend. Dan zouden de onderhandelingen kunnen beginnen. In oktober 2005 is deze afspraak nogmaals bevestigd en is duidelijk gemaakt dat het voor 1 januari 2007 het geval moet zijn. De Turken wisten dus waar ze in december 2004 mee akkoord waren gegaan. In het rapport van de Europese Commissie van november 2006 is duidelijk dat nog veel zaken in gebreke zijn gebleven, onder andere de strafwetgeving (artikel 301), de wet op de stichtingen en verenigingen en de Cyprus-kwestie. Het voorzitterschap en de Europese Commissie hebben er alles aan gedaan om deze zaak op te lossen, maar ze hebben keer op keer geen medewerking gekregen van de Turkse regering. Dan wordt het tijd dat de EU laat zien dat het haar menens is.
De geloofwaardigheid van de EU is in het geding. Als we dit zo maar laten doorlopen zal ons dat in de verdere onderhandelingen met Turkije opbreken, maar ook bij toekomstige onderhandelingsprocessen. Het is van het grootste belang te laten zien dat wij akkoorden zien als afspraken die nagekomen moeten worden. Daarom moet een proportionele sanctie in het vooruitzicht worden gesteld aan Turkije als ze voor 11 december de afspraken niet nakomt.
De aandacht richt zich vooral op Cyprus. Terecht, want het kan niet zo zijn dat er onderhandelingen worden gevoerd met de EU, terwijl Turkije een van de landen niet wenst te erkennen en de afspraken van het Ankara-protocol niet wenst na te komen. Maar ook het recente veto van de Turkse president over de wet op stichtingen en verenigingen (cruciaal voor de godsdienstvrijheid) duidt op een gebrek aan bereidheid tot verdere hervormingen in Turkije. En ook het nog steeds handhaven van artikel 301 in het wetboek van strafrecht duidt op een halsstarrige houding.
Daarom moet een krachtig signaal worden afgegeven, krachtiger dan de aankondiging van opschorting van slechts acht hoofdstukken. De regering is het in deze met ons eens en laat ook duidelijk blijken. Over alle relevante hoofdstukken voor de uitvoering van het Ankara-protocol mogen de onderhandelingen niet geopend worden. Het is niet aan de Commissie om te bepalen of een hoofdstuk wordt geopend: dat moet de Raad besluiten. En geen enkel hoofdstuk, relevant of niet voor het Ankara-protocol, mag nog afgesloten worden, zolang het Ankara-protocol niet wordt uitgevoerd.
Om Turkije niet de gelegenheid te geven een argument op te werpen tegen de erkenning willen we de Nederlandse regering vragen om de druk op Cyprus op te schroeven om een einde te maken aan de door haar opgeworpen blokkades voor de economische ondersteuning van Noord Cyprus.

Agenda
In het kader van de permanente campagne zijn de volgende afspraken al weer gemaakt. Maar het is aanzienlijk rustiger dan enkele weken geleden. Schroom niet om mij te benaderen voor het houden van inleidingen en dergelijke:

8 januari                     Zwaag            CDA-Vrouwenberaad West Friesland

12 januari                  Groningen      Hoe Europaproof is de provincie?

13 januari                  Amsterdam   BNR-Nieuwsradio

27 januari                  Utrecht           Masterclass Debattoernooi

3 februari                   Den Haag      CDA-debattoernooi

Met vriendelijke groet,

Jan Jacob van Dijk